|
Het Karakter
Het karakter van de Bullmastiff is
bepaald door het soort werk, waarvoor dit ras in eerste instantie
bedoeld was.
De Engelse jachtopzieners hadden behoefte aan een lenige, sterke en
gehoorzame hond, die zelf beslissingen zou kunnen nemen als hij alleen
aan het werk was. In het begin van de 20e eeuw was de Engelse
wetgeving zo streng, dat stropers er werkelijk alles voor over hadden
om te kunnen ontsnappen. Voor de veiligheid van de jachtopziener, was
de NACHTHOND VAN DE JACHTOPZIENER niet alleen een aanwinst voor deze
man maar een noodzakelijkheid.
De originele jachtopzieners honden waren veel agressiever dan voor de
hedendaagse Bullmastiff nodig of aanvaardbaar is. De vroegere
Bullmastiffs woonden met hun bazen in onbewoonde eenzame bossen.
Vandaag de dag zijn deze landelijke en eenzame levensgewoonten een
zeldzaamheid voor mens en dier. De huidige Bullmastiff kan een
uitstekend waakhond zijn en toch vredig en sociaal in onze moderne
dichtbevolkte samenleving leven.
Toch moet men in gedachte houden dat het temperament van de
Bullmastiff gericht is op waken. Deze hond kon een volledig wanhopige
man pakken, neerleggen en vasthouden. De Bullmastiff is echter anders
dan de meeste waakhondenrassen omdat hij een onafhankelijke mening
heeft. Als je de bezitterige aard combineert met de onafhankeljke
geest en daarbij optelt de lenigheid, de intelligentie en de kracht
van een hond met deze afmetingen zoals vermeld in de standaard, dan is
de uitkomst: een heel indrukwekkende hond.
De Bullmastiff kan verschrikkelijk lief en zachtaardig zijn maar zich
ook gedragen als een volslagen idioot, afhankelijk van de situatie.
Soms zie je ze opgerold een dutje doen tussen kleine kindertjes of
kijken ze samen televisie. Ook zie je ze vaak op de rug liggen met
alle vier de poten in de lucht.
Elke Bullmastiff heeft een eigen persoonlijkheid. Wat hier echter
geschreven staat gaat over de Bullmastiff met de juiste
persoonlijkheid zoals vereist voor het ras.
De Bullmastiff kan heel goed getraind worden, speciaal op
gehoorzaamheid en dat is ook heel noodzakelijk voor een zo grote hond
in een doorsnee gezin. Een van de belangrijkste zaken voor zo'n
training is de consequente aanpak. Vanaf het moment, dat zo'n klein
schattig, aandoenlijk puppie in uw gezin wordt opgenomen is het van
het grootse belang dat alle gezinsleden zich houden aan vaste
richtlijnen betreffende wat wel en wat niet mag.
Puppies mogen vooral niet verwend worden, want dan zullen ze tot in
het oneindige gaan doordrammen om hun zin te krijgen en dat resulteert
dan in een onuitstaanbare volwassen hond. Als bepaalde gedragingen in
huis niet mogen, dan moeten deze vanaf het begin verboden worden.
Om een klein voorbeeld te geven van de intelligentie van een
Bullmastiff pup die zijn zin wil hebben, u maakt het volgende mee:
eerst een gespeelde angst- of schrikreactie, dan ongeloof met een
uitdrukking van "dat kun je toch niet serieus menen?", dan
uitermate gekwetst, minachtend, "ik heb je echt niet
gehoord", dan super aanhalig of nog wat andere intriges, het
betreffende puppie eigen.
Als u probeert het gedrag van een Bullmastiff te corrigeren krijgt u
vast te maken met een van bovenstaande antwoorden. Geef alstublieft
niet toe, want dan duurt het tien keer langer om een bepaalde
gedragslijn af te leren. Molossers zijn in het algemeen 's-werelds
beste oplichters; dat is het gedrag van een intelligente hond!
Een consequente, duidelijke, vriendelijke opvoeding laat het
intelligente karakter van de hond duidelijk uitkomen. Voor sommige
mensen zijn deze honden eigenwijs en koppig en zeer moeilijk op te
voeden, maar het ras is verre van dom. Als u een pup uit gaat zoeken,
kies dan nooit het meest verlegen of het meest brutale puppie. Deze
eigenschappen kunnen voor een pup heel leuk lijken, maar voor een
volwassen hond zijn ze niet gewenst.
Trouw is de basis voor het Bullmastiff karakter. Een hond van dit ras
sluit de hele familie in zijn hart en geeft zichzelf totaal op elk
moment. Hij zal zijn roedel beschermen ten koste van alles. Hoewel het
een fantastich ras is, is de Bullmastiff niet voor iedreen en
geschikte hond. Mensen die geen tijd kunnen besteden aan het opvoeden
van een hond en niet tegen het karakter kunnen , moeten hier dan ook
NOOIT aan beginnen.
Of je houd van het ras of je verfoeid het, eens een Bullmastiff,
altijd een Bullmastiff.
De Rasstandaard
Het korrekte type is vastgelegd
in de standaard van het ras. De rastypischheid bestaat uit een aantal
lichamelijke eigenschappen die het ras kenmerken. De rastypischheid is
de basis die noodzakelijk is voor een raszuivere hond.
Om in staat te zijn de Bullmastiff in een oogopslag te kunnen
onderscheiden van andere rassen, moet de hond opvallende en
kenmerkende eigenschappen hebben.
De omschrijving van een Bullmastiff ligt vast. Voor het fokken van
raszuivere Bullmastiffs is dus geen inventiviteit nodig. Fokken is
alleen het oppakken van de draden van het genetische kleed dat is
gewoven door vroegere fokkers. Elke fokker moet fokken volgens de
bestaande standaard. De uitleg van de standaard door de fokker geeft
de verschillen aan in elke lijn, maar uiteindelijk zal in een ideale
situatie elke hond van het ras meer op de andere moeten lijken, dan er
verschillen mogen zijn. Dit is de uniformiteit, de eensluidendheid van
het rastype.
Algemeen beeld:
Krachtig gebouwd, symmetrisch, met veel massa, maar niet lomp,
evenredig actief.
Karakteristieken:
Krachtige bouw,
uithoudingsvermogen, actief en betrouwbaar.
Hoofd en schedel:
Schedel groot en vierkant
vanuit elke hoek bekeken, met plooivorming als hij geïnteresseerd is
maar niet in rust. De omvang van de schedel mag evenveel centimeters
meten als de hoogte van de schoft. De schedel moet breed en diep zijn,
met goed opgevulde kaken. Geprononceerde stop. Voorsnuit kort. De
afstand van de neuspunt tot de stop moet bij benadering eenderde zijn
van neuspunt tot de occiput. Breed onder de ogen. De neusrug is breed
tot het einde bij de neuspunt. De voorsnuit is stomp en vierkant en
vormt een rechte hoek met de lijn over de neusrug. De massa van de
voorsnuit moet in overeenstemming zijn met de massa van de schedel. De
onderkaak moet breed blijven tot het einde. De neusspiegel moet breed
zijn, met wijd geopende neusgaten. De neus ligt vlak, noch puntig noch
opwaarts gebogen. De lippen niet overhangend, nooit beneden de
onderkant van de onderkaak.
Ogen:
Donker of hazelnootkleurig en
van middelmatige grootte, zover uit elkaar geplaatst als de breedte
van de neusrug en tussen de ogen een groeve. Lichte of gele ogen
hoogst ongewenst.
Oren:
V-vormig naar achteren
gevouwen. Hoog en ver uit elkaar aangezet en geeft met de bovenkant
van de schedel een vierkante indruk, welke zeer belangrijk is. De oren
zijn klein en donkerder van kleur dan de kleur op het lichaam. De punt
van het oor komt ter hoogte van het oog wanneer de hond alert is.
Rose-oor is hoogst ongewenst.
Mond en gebit:
Gebit bij voorkeur tanggebit,
lichte ondervoorbeet is toegestaan doch niet geprefereerd. Hoektanden
groot ontwikkeld en ver uit elkaar geplaatst. Overige tanden sterk,
recht en goed geplaatst.
Hals:
Goed gebogen en van
middelmatige lengte, zeer gespierd en van bijna dezelfde omtrek als de
omvang van de schedel.
Voorhand:
Borst breed en diep, goed
tussen de voorbenen geplaatst met een diepe voorborst. Gespierde
schouders, schuin liggend en krachtig maar niet beladen. Voorbenen
krachtig en recht met zwaar bot. Goed uit elkaar geplaatst
zodat er een krachtig recht front ontstaat. Sterke en rechte
middenvoeten.
Lichaam:
Rug kort en recht, wat de
hond een compacte indruk geeft, doch nooit zo kort dat het hinderlijk
wordt bij de beweging. Karperruggen en doorgezakte ruggen hoogst
ongewenst.
Achterhand:
De lendenen zijn breed en
gespierd met behoorlijk diepe flanken. Achterbenen sterk en gespierd
met goed ontwikkelde onderdijen, die kracht en beweeglijkheid geven.
Nooit lomp. Hakken middelmatig gehoekt. Koehakkig is hoogst ongewenst.
Voeten:
Goed gebogen tenen (katvoet)
met harde teenkussens. Donkere teennagels gewenst. Spreidtenen hoogst
ongewenst.
Staart:
Hoog aangezet-breed bij de
aanzet, smal uitlopend en tot de hak reikend. Hij wordt recht of licht
gebogen hangend gedragen, doch nooit zo ver over de rug of zo hoog als
bij brakken. Knik of kronkelstaarten hoogst ongewenst.
Beweging:
De beweging toont kracht en
straalt vastberadenheid uit. Als de hond recht loopt mogen voor- noch
achterbenen elkaar kruisen. Het rechtervoorbeen en linker achterbeen
worden tegelijk voortbewogen. Een goede ruglijn gecombineerd met een
krachtige achterhand geeft een goede balans en een harmonisch
gangwerk.
Vacht:
Kort en hard, weerbestendig,
vlak aanliggend.
Lang, zijdeachtig of wollige vacht is hoogst ongewenst.
Kleur:
ledere tint van gestroomd,
zandkleurig of rood. De kleur dient zuiver te zijn. Een kleine witte
aftekening op de borst is toegestaan. Andere witte aftekeningen zijn
ongewenst. Een zwarte voorsnuit is essentieel, omhooglopend afnemend
tot en zwart rond de ogen. Dit geeft de typische expressie.
Schofthoogte:
- Reuen: 63,5 cm tot 68,5 cm.
- Teven: 61 cm tot 66 cm.
Gewicht:
Reuen: 49,9 kg. tot 59 kg.
Teven: 41 kg. tot 49,9 kg.
Fouten:
ledere afwijking van de
voorgenoemde punten moet als fout gezien worden. De waarde van die
fout moet ten opzichte van het totaal aangerekend worden. Reuen moeten
twee ingedaalde testikels hebben en zichtbaar zijn in het scrotum.
FCI standard nr. 157c
- Goedgekeurd door de Algemene Vergadering van de FCI op 23 en 24 juni
1987 te Jerusalem.
De Geschiedenis
De naam Bullmastiff zegt het eigenlijk
zelf al, dit ras is gefokt uit de Bulldog en de Mastiff. Deze beide
rassen zijn al zeer oud en vonden ook hun oorsprong in Engeland.
Altijd al vinden we in de geschiedenis dat honden in dienst stonden
van de mens. Als jachthond, veedrijver, bewaker van huis en hof, als
beschermer van de kudde, maar zeker ook als oorlogshond. Zeer grote
honden trokken met de legers mee ten strijde. Deze honden werden
uitsluitend gefokt en geselecteerd op hun werkkwaliteiten. Zo vinden
we in de ontwikkeling van de Mastiff de oorlogshond terug. Engeland
bezat toen al heel grote honden. Ook andere volkeren zoals de Romeinen
hielden van deze oorlogshonden en zo ontdekten de Romeinen bij de
inval in Groot-Brittannië deze grote Mastiffs die nog groter bleken
te zijn dan de doggen van Rome. Toen werden enkele van deze honden mee
naar Rome genomen om ze daar in te kruisen met de lokaal gefokte
doggen van Rome (is misschien ook de basis geweest voor de
ontwikkeling van de Franse, Duitse en de Doggen van Zwitserland?). De
Engelse Bulldog die toen nog bekend stond als de vechter in de arena,
wiens voorouders uit Spanje kwamen en in Engeland nog een tijd gefokt
werden voor de hondengevechten, heeft zich na het verbod op deze
gevechten gelukkig ontwikkeld tot de hedendaagse rustige en volkomen
betrouwbare huis- en showhond. Echter, de toenmalige Bulldog was niet
de goede lobbes van nu. Hij was uiterlijk hoger op de benen, minder
zwaar gebouwd met een zwaar hoofd, wel erg lenig en bijzonder
temperamentvol en een grage bijter.
Tweehonderd
jaar geleden hadden den Engelsen deze beide rassen al eens ingekruist,
wat ten gunste werd bedoeld voor de Mastiff-ontwikkeling. Men had toen
ook al veel voor- en tegenstanders van het type zoals het zou moeten
worden en de kruisingsproducten werden weer sterk geselecteerd.
Een Franse schrijver Bufon schreef in 1791 het
volgende: 'Uit de kruising van Mastiff en Bulldog ontstond een hond
die wezenlijk groter was dan de Mastiff. Ook de schrijver Stonhenge
geeft bericht van kruisingen tussen de Mastiff en de Bulldog.
Hutchinson schrijft in 1876 dat uit deze kruisingen honden kwamen die
uitstekend voor de africhting geschikt waren. Toch kwam de Bullmastiff
als ras nog niet van de grond. Deze serieuze ontwikkeling liet toch
nog enkele jaren op zich wachten. Inmiddels waren er wel wat mensen
die in deze kruisingsproducten wat zagen en er ook mee werkten. Iets
wat in die tijd alleen de aandacht had. Vanwege de goede resultaten
die op werkgebied behaald werden kwam er toch meer aandacht voor deze
kruisingsproducten. Deze ontwikkeling vond plaats tussen de jaren 1878
en 1910. Vooral de Engelse jachtopzieners hadden veel aandacht voor
deze honden. Zij immers hadden een steeds groter wordende behoefte aan
een goede werkhond vanwege het steeds moeilijker worden van het
uitvoeren van hun werk. De grote armoede van die
tijd noopte de mensen meer en meer tot stropen en wel op de grote
jachtterreinen van de rijken. Op het stropen stond de doodstraf door
middel van ophanging. De jachtopziener had dus behoefte aan een hond
die niet beet. Tot kort tevoren werd de Bulldog
wel gebruikt doch bleek niet zo geschikt omdat hij te fel was en de
stroper te veel beschadigde zodat ophanging niet meer nodig was.
Ophangen van de stropers was nodig en diende ter afschrikking van het
volk. De hond moest uithoudingsvermogen hebben, langs de fiets kunnen
lopen en zijn werk kunnen doen op wild terrein. Hij moest alert zijn,
goed tegen weersinvloeden bestand en het liefst donker van kleur zijn
daar hij vaak zijn werk in het donker en in de nacht moest doen. Hij
moest de stropers aanspringen, omverwerpen en in bedwang houden totdat
de jachtopziener hen kon insluiten.
En zo ontstond The Keepers Nightdog zoals men hem toen noemde. De
aandacht voor het ras werd groter, want uit noodzaak was zeer streng
op werkkwaliteiten gefokt. Er werden zelfs wedstrijden gehouden en
demonstraties om hun kunnen te tonen. Grove prijzen werden er voor de
bewezen goede exemplaren betaald. Zo is het bekend dat in 1901 een
kennelhouder op de tentoonstelling kwam, die geld gaf voor diegene die
op de been wist te blijven na aanspringen van zijn Bullmastiff. Tot
drie maal toe probeerde een man, die toch ervaring met honden bleek te
hebben het, maar het lukte hem niet. Deze zo karaktervolle hond heette
Thorneywood Terror. In het begin van hun ontwikkeling waren er
natuurlijk ook honden bij die niet geschikt bleken omdat ze te
zachtmoedig waren of zo bijterig, dat men ze niet kon temmen. Toen
werd er dus een beroep gedaan op de fokkers die zich over het ras
zouden gaan ontfermen! (Bestaat dat nu ook nog?). Door planmatig en
selectief te fokken is de Bullmastiff uitgegroeid tot het huidige type
wat we nu regelmatig op de tentoonstellingen zien. Een van de
belangrijkste fokkers die zich voor de ontwikkeling van de Bullmastiff
heeft ingezet is de bekende Mr. Sam Moseley. Mr. Moseley had de
beroemde Farcroft kennel die later Bullmastiffs over de hele wereld
heeft verkocht. Bekend zijn Farcroft Fidelity en Farcroft Silvo.
Inmiddels ontwikkelde de kynologie zich ook en men ging zich beraden
hoe de Bullmastiff er eigenlijk uit moest gaan zien. Ook deze
ontwikkeling ging natuurlijk niet zonder problemen, want de aanhangers
van het ras waren toch zeer zuinig op het karakter en dat mocht er
vooral niet onder lijden. In de fokkerij bleek al gauw dat er
terugslagen naar de voorouders kwamen. Dus naar het Bulldog-type en
het Mastiff-type. Er moest ook een club opgericht worden: Mr. Moseley
werd de eerste voorzitter van de National Bullmastiff Policedog Club.
Dit was in 1925. Uit de naam van de club blijkt hoezeer de fokkers de
bedoeling hadden een gebruikshond te fokken. In december 1924 erkende
de Kennelclub het ras als zodanig en schreef de eerste Bullmastiff in
het hondenstamboek. Alle honden die reeds drie generaties zuiver waren
konden worden ingeschreven. Vanaf dat moment kon de Bullmastiff ook op
de tentoonstellingen komen, de fokkerij kreeg grote populariteit en
het ras begon aan zijn reis rond de wereld. Farcroft Silvo werd op de
Cruffts in 1927 winnaar en kampioen en er waren al 47 Bullmastiffs
gemeld. Genoemde Silvo was gestroomd en belangrijk in de opbouw van
het ras. Ook de jaren dertig kende haar belangrijke honden die
toonaangevend waren om de fokkerij de goede kant op te sturen, nl.
Champion Wisdom of Wynyard en Husar Stinkor.
Ook een van de meest
karakteristieke Bullmastiffs uit deze begin periode is de bekende
Tiger Torus en zijn zoon Champion Tiger Prince, de eerste gele
kampioen onder de Bullmastiffs in 1928. In de jaren 1920-1930 waren
ook als goede opbouwers van het ras bekend: Derby Grip gestroomd 1923,
Farcroft Fidelity geel 1921, Stapleford Agrippa gestroomde teef met
Mastiff-bloed en Chips of Harbex gestroomd. Later weer de zeer bekende
reu Roger of the Fenns. Bigg Bill of Harbex 1935-1945 won 109 awards.
Men kan stellen dat deze bekende kampioen in iedere stamboom zit van
de gestroomden. Toen kwam de oorlog. Voor mens en dier een moeilijke
tijd, beide moesten overleven. Na de oorlog bleek dat er toch nog wel
Bullmastiffs waren die deze periode hadden overleefd, o.a. bij de fam.
Warren met de Harbox kennel.
Ook kwamen er weer
nieuwe kennels bij zoals: Le Tasyll van Mr. D.J. Nash, Rosland van
Miss Rose, Springwell van Mr. Richardson en Mulorna van Doris Mullin.
Ook de Bullstaff kennel van de fam. Short. Al deze kennels en nog
anderen hebben na de oorlog hard gewerkt om de Bullmastiff weer
gestalte te geven en dat is hen gelukt met tal van bekende en
vooraanstaande vertegenwoordigers uit het ras. Heel bekend werd de reu
Achilles, gefokt in de kennel Bullstaff. In 1959 voegden zich nog twee
fokkers aan het bestaande rijtje toe, nl. Yorkist van de fam. Reynolds
en Oldwell van H. Collias. Bekend werd Collins Miss Muffet, Marquis en
Martin. Dit waren kinderen van de bekende reu Vagehond of Mulorna. In
1960 kwam Mr. Price er nog bij met de kennel Lombardy. De kennel kreeg
onder andere bekendheid vanwege de mooie helderrode kleur. Mr. Pratt
werd bekend met zijn gestroomde honden in de kennel Kelwall. Hun
kennel is opgebouwd uit Champion Ambassador of Buttenoak.En zo komen
we met de Silverfarm en Bunsoro kennels en de kennel van Miss Cox met
haar Colom honden aan het huidige bestand. Ook in Nederland, Belgie en
Duitsland heeft het ras zich op voortreffelijke wijze ontwikkeld.
Nederland is de familie Hammink en Boerman zeer erkentelijk voor de
zorg over dit ras. Voor Belgie mag zeker de fam. Loeckx niet vergeten
worden met hun bekende Woodbull Farm honden. Duitsland kent o.a.de fam.
Siebold met hun Vom Antoniushof honden en Olga Weise met haar
Ex-Brittania kennel.
De Opvoeding
De aspirantkoper.
Iedere hond en zeker een Bullmastiff dient men zeer weloverwogen aan
te schaffen. Even bewust kiest men voor een pup. U heeft gekozen, of
gaat kiezen, voor een pup die over het voor het ras kenmerkende
raseigenschappen beschikt. Dit zijn niet alleen de in het oog
springende uiterlijke kenmerken, maar tevens kiest u voor een pup met
de voor het ras typische karaktereigenschappen die generaties lang,
door middel van goed fokken, zijn vastgelegd. Uw raskeuze is uitvoerig
besproken met de overige gezinsleden en naast het lezen van
verschillende informatie boekjes heeft u zich uitvoerig laten
informeren door de rasvoorlichter van de BMCN. Vanzelfsprekend heeft u
verschillende volwassen honden van het ras van uw keuze gezien en met
de bezitters en fokkers van de Bullmastiff gesproken.
De fokker.
Indien u een fokker heeft gekozen via de pup-informatie van de BMCN
dan geeft dat enige mate van zekerheid maar geen garantie voor een
volmaakt, perfect in elkaar stekende pup! Een fokker die bij de BMCN
is aangesloten dient zich te houden aan de fokvoorwaarden zoals die
door de BMCN zijn vastgesteld. Dit houdt o.a. in dat de ouderdieren
HD-geröntgend zijn en dat beide ouderdieren zijn goedgekeurd of
fokbeoordeeld door een exterieurkeurmeester.
Het nest.
Eindelijk,
u ontvangt van de fokker van uw keuze het bericht dat het nestje is
geboren. De meeste fokkers laten de eerste 3 á 4 weken geen bezoekers
toe bij het nest, dit ten eerste om de rust te waarborgen en veel
fokkers zijn bang voor het niet denkbeeldige besmettingsgevaar. Echter
de rol van de fokker is in deze periode van zeer groot belang. De ogen
en oren van de pups zijn de eerst 14 dagen gesloten en alles wat zij
ervaren gaat via de neus. Door dit orgaan vinden zij direkt na de
geboorte de melkbron en zij leren de moeder en overige pups herkennen.
De fokker neemt de hondjes dagelijks meerdere malen op om ze te
controleren en te wegen. Daarbij zorgt de fokker dat de pups
veelvuldig de geur van de hand opsnuiven waardoor al heel vroeg de
geur van mensen wordt 'ingeprent'. Na ongeveer 14 dagen zijn de ogen
en oren open. De pups kunnen nu niet alleen de fokker ruiken, maar
zien b.v. ook de reactie van de moederhond op de fokker en de pups
maken een aanvang met het onderzoeken van de directe omgeving. Het zal
u duidelijk zijn dat pups die opgroeien in kennels of in een schuur
achteraf, ernstig beperkt worden in bun onderzoekingsdrift. Het is
voor de ontwikkeling van de pups beter dat zij opgroeien in huiselijke
kring. Voor een goed waarnemer zijn bij de pups de aanwezige karakters
al te zien, maar die zullen zich de komende periode steeds verder
ontwikkelen. Zo zal er beslist een 'haantje de voorste' in het nest
aanwezig zijn. Meestal in zijn kielzog een pup die zich ook de kaas
niet van het brood laat eten. Naar mate de weken vorderen zullen de
pups veel leren. Door middel van stoeipartijen en schermutselingen met
elkaar en moeder ondervinden de pups dat zij de baas kunnen spelen
over de ene en het afleggen tegen een andere nestgenoot. Het meest
brutale (dominante) hondje kan echter niet doen en laten wat hij wil,
daar zorgt de moeder en later de fokker voor. De pups ondervinden dat
het stevig in het oor bijten van een nestgenoot resulteert in een
felle reactie en dat het hard in de neus van moeder bijten resulteert
in een stevige afstraffing. Hij leert dus zijn bijtkracht te temperen
en ervaart dat het dan heel leuk spelen is. De fokker zal de hond
corrigeren wanneer deze zijn vlijmscherpe tandjes in zijn hand zet en
zo leert de pup dat hij met mensen nog voorzichtiger moet zijn. Veelal
is dit de periode dat u voor het eerst kennis maakt met het nest
waaruit u een pup gaat kiezen. Ga regelmatig naar het nest kijken, de
fokker zal niet van u eisen dat u onmiddellijk een keus maakt.
Mogelijk zit in het nest een hondje dat u bijv. qua gedrag of kleur
bijzonder aanspreekt. Indien de fokker u deze keuze afraadt, vergeet
dan niet dat deze de hondjes lange tijd heeft kunnen observeren en het
karakter van het hondje heeft leren kennen. De fokker heeft ook u
leren kennen en is bekend met uw gezinssituatie. Er is veel geschreven
over de zgn. puppytest. Ga nooit zelf experimenteren! Het is zeer
waarschijnlijk dat u het gedrag verkeerd interpreteert. Neem, indien u
een dergelijke test wenst, na overleg met de fokker een deskundige
mee. Niet alle fokkers zijn echter gecharmeerd van dit soort testen,
zij hebben al het één en ander meegemaakt met goedwillende
deskundigen.
De pup in huis.
Voor het voeden van de pup dient u zich te houden aan de
voedingslijst van de fokker. Heeft u vragen of zijn er problemen, u
dient altijd in eerste instantie de fokker te bellen voor advies. Er
zijn mensen die de pup even laten controleren door hun dierenarts. Dit
geeft een veilig gevoel en hun dierenarts heeft dan al kennisgemaakt
met het hondje en zijn nieuwe bezitters en kan bij eventuele vragen
het juiste advies geven. Vanzelfsprekend kunt u met uw vragen ook bij
de rasvereniging terecht. Echter U moet uw pup opvoeden tot een
hond die niemand tot last is en waar u de komende jaren een fijne
huisgenoot aan hebt. Dat opvoeden begint al op het moment dat de pup
bij u in huis komt. Voordat de pup thuis komt heeft u er natuurlijk
voor gezorgd dat alles in orde is. Dat houdt in: een ruime mand of
brits op een tochtvrije plaats, een stevige drink- en voerbak, een
halsband en riem. Maar het belangrijkste is wel dat er met alle
gezinsleden afspraken zijn gemaakt over wat de pup wel en beslist niet
mag! Haal uw pup zo mogelijk 's morgens bij de fokker op. De pup heeft
dan een groot gedeelte van de dag om een beetje te wennen. Maak wel
vanaf de eerst dag duidelijk dat er regels zijn waaraan hij zich heeft
te houden. Trachten het kleedje van de tafel te trekken moet met een
duidelijk NEE of FOEI beantwoord worden. Die dit rustig maar wel
resoluut. Vaak helpt het wanneer u de hond afleidt met speelgoed dat
wel voor hem bestemd is. Vanzelfsprekend heeft u het Perzisch tapijt
en uw antieke meubels verwijderd en voorlopig opgeborgen.
Wat wel en niet
mag.
Niets is meer vertederend dan
een jong hondje en zeker een Bullmastiffpup zal de met het gezin
afgesproken regels doen vergeten. Toch zijn er een aantal zaken die u
de pup beslist niet mag toestaan. Een van die dingen is het traplopen.
Zeker het eerste jaar zult u, indien er trappen moeten worden gelopen,
uw hond moeten dragen. Zeker geen geringe opgave gezien het gewicht
dat een Bullmastiff heeft op de leeftijd van bijv. 5 maanden. Het
traplopen is voor een pup funest omdat dit de gewrichten te veel op
een verkeerde manier zal belasten. Een jonge hond heeft veel kraakbeen
dat de tijd nodig heeft om te harden. Daarom is het ook onverstandig
uw pup toe te staan u op twee pootjes te begroeten, dit mag u ook niet
toestaan wanneer u in uw stoel zit en de pup uw aandacht wenst. Dit
"gewiebel" op de achterpoten is funest voor de goede
ontwikkeling van de heupgewrichten. Uw pup zal uitgroeien tot een hond
van flink formaat en gewicht. Bij alles wat u de hond toestaat dient u
zich af te vragen of u het ook kunt tolereren wanneer de hond
volwassen is. Bijvoorbeeld, een pup op schoot is gezellig, maar een
volwassen Bullmastiff ook? Ongewenst gedrag dient u met een resoluut
NEE of FOEI te bestraffen zoals al eerder aangegeven. Op het moment
dat de pup iets goeds doet moet u hem uitbundig belonen met BRAAF! Een
Bullmastiffpup zal veelal erg onder de indruk zijn van uw gemopper en
echt straffen zal zelden nodig zijn. Het zindelijk maken is voor u als
kersverse eigenaar de eerste testcase. Een goede hulp is de pup na het
eten en slapen even buiten te zetten. Trekt u zich niets aan van de
verhalen van mensen die een pup binnen een paar dagen zindelijk
hadden. Een pup doet zoveel indrukken op en gaat vaak zo op in zijn
spel dat hij gewoon vergeet dat het niet in de kamer mocht. Wanneer u
met uw pup naar buiten gaat geldt hetzelfde, ook hier is zoveel
afleiding dat de pup soms vergeet iets te doen. Mocht de pup iets in
huis doen dan moppert u flink. Met de neus door het plasje halen heeft
geen enkele zin. Het heeft nog geen pup eerder zindelijk gemaakt en
dient achterwege te worden gelaten. Rustig blijven en uitbundig
belonen indien de pup zijn behoefte op de juiste plaats doet.
Wat te doen indien uw hond iets heeft uitgehaald of vernield tijdens
uw afwezigheid. Vooral een Bullmastiff is bijzonder gevoelig voor uw
stemming en de intonatie van uw stem. Omdat het voor u onmogelijk is
uw stem vrolijk te doen klinken wanneer u zegt 'wat is hier gebeurd'
zal uw hond ineenkrimpen en proberen weg te kruipen. Straffen, hoe
menselijk ook, beeft geen enkele zin. Ruim met veel verbaal geweld de
overblijfselen van uw meubilair op en zorg er voor dat het nooit meer
kan gebeuren! Beter is het om dit soort problemen te voorkomen, want
iedere hond zal in zijn jeugd wel iets vernielen. Ze blijven
onderzoeken, uitproberen en hun grenzen verleggen. Leer daarom uw hond
op jonge leeftijd dat hij enige tijd alleen moet blijven. Dit kan
bijv. in de bijkeuken of een aparte kamer. In ieder geval een ruimte
waar hij weinig of niets kan vernielen. De pup kan in zijn mand een
paar minuten worden opgesloten en mag weer bij u komen wanneer hij
niet jankt of niet meer jankt. Wanneer u hem namelijk zou ophalen
wanneer hij luidkeels zit te janken dan beloont u hem voor die herrie
en zal hij bij een volgende gelegenheid nog harder tekeer gaan. U kwam
dan immers aangesneld? Uw hond moet leren dat u altijd weer terugkomt
en ook wanneer u maar even naar de bakker om de hoek gaat, sluit uw
pup op. Want niets kan een jonge hond en zeker een jonge Bullmastiff
zo snel als uw huis verbouwen. Bullmastiffs beschikken over het
algemeen over goed ontwikkelde lippen en daar heeft u terdege rekening
mee te houden. Geef bijv. nooit een lekkernij tijdens het
koffiedrinken. Sta niet toe dat gezinsleden de hond tijdens de
maaltijd voeren (vooral kinderen zijn zeer bedreven in het onder de
tafel laten verdwijnen van broodkorsten), want het gevolg is dat u een
bedelende Bullmastiff heeft met grote kwijlslierten aan zijn bek.
Eventuele lekkernijen geeft u altijd in de voerbak. 'Prooinijd', dat
wil zeggen, het agressief bewaken van de voerbak tijdens het eten is
eveneens iets dat u absoluut niet kunt toestaan. Wanneer u deze
neiging bij uw pup constateert, onmiddellijk ingrijpen!! Naast een
stevige greep in het nekvel en bestraffend toespreken moet u er voor
zorgen dat de pup uw handen bij de bak tijdens het eten als plezierig
gaat ervaren. Dit kunt u bereiken door bijv. de voerbak op de grond te
zetten en daar met uw hand een beetje voer in te doen en wanneer het
bijna op is nog een beetje enz.
Uw pup mee naar
buiten.
Na uw huis is de directe
woonomgeving weer een hele nieuwe ervaring voor uw pup en alles zal
aan een gedegen onderzoek worden onderworpen. Het zal voorkomen dat uw
hond schrikt van een vreemd voorwerp of geluid. Iets dat u dan nooit
moet doen is de pup aanhalen want daarmee bevestigt u de angst van de
pup. U geeft immers aan dat het inderdaad een heel gevaarlijke
vuilniscontainer is, 'braaaaaf hondje, ja hoor wees maar bang, heel
braaf' NEE, er is namelijk niets aan de hand en dat maakt u de hond
duidelijk door resoluut door te lopen of eventueel naar het voorwerp
toe te stappen en het aan te raken. U bepaald het gedrag van de hond,
ALTIJD! Neem uw pup veel mee naar buiten en laat hem met allerlei
situaties bekend worden. Laat hem kennismaken met mensen en andere
honden, maar zorg er altijd voor dat het positieve ervaringen zijn.
Neem uw kleine pup niet mee naar de markt waar hij over het hoofd
wordt gezien en de kans loopt dat iemand hem op de tenen staat. De
markt is prima wanneer hij iets ouder is. Een veel gehoord probleem
is; 'mijn hond is zo bang voor andere honden omdat hij als pup is
aangevallen'. Kan, maar waarschijnlijker is het dat die mensen na een
dergelijke ervaring vreselijk zijn geschrokken en andere honden zijn
gaan ontlopen en daarmee de pup positieve kontakten met andere honden
onthielden. Een 'aanval' van een oudere hond kan een heel vervelende
ervaring zijn, maar het kan ook zijn dat de pup te brutaal was en door
de oudere hond is gecorrigeerd en iets dat iedere pup heel goed kan is
moord en brand schreeuwen! Zelfs indien men met een werkelijk
gestoorde hond te maken krijgt die de pup niet juist bejegend, dan nog
is dit een slechte ervaring op een heleboel goede. Maar een gestoorde
hond mag niet de reden zijn uw pup die waardevolle kontakten met
andere honden te onthouden. Het is niet juist uw pup of jonge hond
onbeperkt met andere honden te laten spelen. Eindeloos achter ballen
of stokken aanrennen is eveneens af te raden. Geef uw pup of jonge
hond de juiste gedoseerde beweging en meld u aan voor een puppycursus
bij de plaatselijke kynologenvereniging. Wees uitermate voorzichtig
met cursussen die middels advertenties worden aangeboden. Vaak onder
de meest fantastische namen zoals 'hondenschool' of 'onder leiding van
een hondenpsycholoog'. Een ieder is vrij zich hondenpsycholoog te
noemen en een ieder met een beetje achtertuin is vrij een cursus te
geven. Wanneer uw pup zich brutaal opstelt naar andere honden toe,
bijv. blaffend aan zijn riem hangt en u ziet dat hij het niet doet om
de andere hond uit te dagen tot spelen, dan corrigeert u hem
onmiddellijk. Veel mensen vinden het grappig, zo'n kleine Bullmastiff
die met strak opgeheven staart en stramme pootjes tracht indruk te
maken op een forse oudere hond. Maar is dat nog zo leuk als de hond
volwassen is? Nogmaals, u bent verantwoordelijk voor het gedrag van uw
hond en daarom geeft u al op heel jonge leeftijd aan welk gedrag u
beslist afwijst.
De hond en
kinderen.
Zelfs een leek op het gebied van hondengedrag weet dat hij een
grommende hond die de tanden heeft ontbloot niet over de kop moet
aaien. Een hond kent een heleboel uiterlijke kenmerken waaraan zijn
gemoedstoestand is af te leiden. Vaak ziet alleen een goed waarnemer
bepaalde gedragsveranderingen bij een hond, maar een heleboel
gedragingen zijn voor een ieder herkenbaar. Bijv. het kwispelend
vooroverzakken met de voorpoten en blaffen, het met stramme poten en
strak opgeheven staart om een andere hond heenlopen enz. Wij herkennen
dit gedrag en weten dat een hond uitdaagt tot spelen en in het laatste
geval niet veel meer nodig heeft om de andere hond in de haren te
vliegen. Volwassen herkennen deze gedragingen en zullen daar naar
handelen. Een klein kind herkent dit niet, een klein kind herkent het
grommen niet als een waarschuwing. Daarom is het niet alleen zaak uw
hond te leren om te gaan met kinderen maar veel belangrijker is het
dat uw kind leert omgaan met honden. Een hond zal altijd trachten een
mindere in rang te domineren, of dit nu een soortgenoot is of een
mens. Wanneer uw hond wat ouder is zal het hem inmiddels duidelijk
zijn dat u de regels bepaald. Hij kent zijn plaats en erkent u als
zijn meerdere.Een hond toont zijn dominantie tegenover een soortgenoot
door deze op de grond te werpen en geruime tijd te houden. De mindere
hond zal zijn plaats erkennen en stil blijven liggen. (U herkent dit
beeld van een hond die zich op zijn rug werpt of 'klein maakt' wanneer
er flink op hem wordt gemopperd) Wanneer bijv. een over de grond
kruipende peuter in de buurt van de mand komt zal de hond mogelijk
grommend aangeven daar niet van gediend te zijn. De peuter herkent dat
niet als een waarschuwing en kruipt rustig door. Een echt brave hond
zal uit zijn mand gaan om ergens anders te gaan liggen en gevolgd
worden door de kruipende peuter die nu in zijn onderzoekingsdrift een
vinger in het neusgat stopt van de grommende hond. De hond zal
reageren zoals het voor een hond normaal is en het kind corrigeren.
Een kind blijft echter niet stil op zijn rug liggen en verdient nu, in
de ogen van een hond, een echte afstraffing. De gevolgen zijn
natuurlijk vreselijk, maar is deze hond vals? Kinderen kunnen in hun
onderzoekingsdrift heel wreed zijn en een hond echt tergen. Het is aan
de ouders van het kind dit in goede banen te leiden. Laat nooit, nooit
een kind alleen met een hond!!! Kinderen laten graag een hond uit.
Toch is dit niet aan te raden. Niet omdat uw hond niet te vertrouwen
zou zijn, maar wat indien uw hond agressief wordt bejegend door een
andere hond. Veel volwassenen hebben moeite goed te reageren in een
dergelijke situatie, voor een kind is het helemaal een vervelende
ervaring. Een kind mist de kracht en overwicht om een Bullmastiff uit
te laten en wanneer een Bullmastiff zijn zinnen op iets heeft gezet
houdt geen kind dat tegen.
Bijna volwassen.
De puppytijd is voorbij en uw
hond heeft de leeftijd van ongeveer 8 maanden bereikt. Uw hond
luistert goed is heel plezierig in omgang, kortom een echte
Bullmastiff. De strakke opvoeding heeft zijn vruchten afgeworpen.
Maar de natuur heeft nog een
verrassing in petto. Ook de hond kent de puberteitsfase en die begint
rond de 8e maand.
De hond, vooral een reu, zal in deze
periode trachten zijn grenzen te verleggen, in zijn voordeel
natuurlijk. Vooral gezinsleden die te veel tolereren zal de hond
trachten te domineren. Het kan gebeuren dat de hond in deze periode
weer gaat vernielen, stelen of niet wil komen wanneer u hem roept.
Wees vooral resoluut en geef geen strobreed toe, ook deze periode gaat
voorbij en dan is de basis gelegd voor die unieke relatie mens/hond.
Op Vakantie
Laat uw hond enten tegen
hondenziekte, parvo, kennelhoest (para-influenza), leverziekte en
ziekte van Weil. Deze vaccinaties zijn in één cocktailenting
samengebracht. U vraagt dus gewoon naar "de cocktail", de
dierenarts doet de rest. In het voorjaar begint ook de cyclus van de
lintworm (via haar tussengastheer: de vlo) en van de spoelworm (er
worden weer veel jonge dieren geboren en de buitentemperatuur stijgt)
weer lekker op gang te komen. Ontwormen dus! Vraag uw
dierenarts/dieren speciaal zaak naar een totaal ontwormingsmiddel! Dat
bespaart u een hoop tijd en moeite.
Let op voorschriften van pensions,
kennels of het land van bestemming: het is bijvoorbeeld erg vervelend
dat u er pas in Denemarken achter komt dat je in Zweden geen
huisdieren mee mag nemen!! Na verloop van tijd kunnen de eisen
veranderen. Informeer dus tijdig bij uw dierenarts naar de update
zijnde regelgeving.
Elk "buitenland" vereist een rabiës(=hondsdolheid)
vaccinatie die minimaal één maand éérder gegeven is. Daarnaast
heeft elk land nog wisselende eisen: meestal alleen een gezondheids
verklaring (niet ouder dan 10 dagen), die echter soms nog
gelegaliseerd moet worden door de RVV (rijksdienst voor keuring van
vee en vlees) of door het consulaat van het te bezoeken land,
raadpleeg hier voor uw dierenarts. De entingen dienen niet langer dan
een jaar geleden te zijn gegeven en moeten ook nog geldig zijn als u
op terugreis de grens naar Nederland oversteekt.
Elk pension eist voor honden
tegenwoordig ook een extra kennelhoest enting (dit is een aanvullende
neusdruppel/enting tegen de kennelhoest bacterie) die niet ouder mag
zijn dan 6 maanden en die net als de rabiës minimaal een maand oud
moet zijn. Die eis, minimaal een maand oud, houdt verband met de tijd
die nodig is om voldoende antistoffen tegen een ziekte op te bouwen.
Genoemde behandelingen zijn totaal onschadelijk maar voorkomen een
boel ellende!
Verder is van belang nog even op te
merken, dat diverse teken verschillende soorten ziektes kunnen
overbrengen. In Nederland is dat de Borrelia-infectie, in het
Middellandse zeegebied de Piroplasmosis, vooral in de Dordogne in
Frankrijk. Bij deze ziekte ontstaat bloedarmoede. U dient dan elke dag
uw hond te onderzoeken op eventuele teken. Een goede vlooien/tekenband
en een tekentangetje zijn hier op zijn plaats. Eventueel kunt u de
"tekenprik" laten geven. Deze beschermt 4 tot 6 weken, niet
tegen de teken, maar wel tegen de ziektes die ze overbrengen.
Ook ander ongedierte (zandvlo/muggen
2-3mm.) kunnen ziektes overbrengen. Het risico gebied , het
Middellandse zeegebied en Portugal ,de ziekte kan na jaren na de
vakantie nog optreden en leidt vaak tot de dood. Er is bijvoorbeeld
van Frankrijk een landkaart waar alle tekenziekte gebieden aangegeven
staan. Neem uw eigen hondenvoer mee en let ook op het drinkwater, niet
alle landen hebben schoon drinkwater zoals wij. Vraag er weer naar bij
uw dierenarts!
Epiloog
Een fokker steekt ontzettend veel tijd en energie in het verbeteren van het
ras en zal trachten met zijn fokprodukten de rasstandaard zo dicht mogelijk
te benaderen.
De rasvereniging behartigt de belangen van
het ras en adviseert fokkers, bezitters en aspirantbezitters waar mogelijk.
U,
als bezitter van een Bullmastiff bepaalt het gedrag van uw hond, ALTIJD!
|